Niveau B2 - Vrije Tijd en Activiteiten
Leer Duitse woordenschat voor vrijetijdsbesteding, hobby's, evenementen en verschillende activiteiten. Deze B2-woorden helpen je interesses en ervaringen gedetailleerder te beschrijven en over je vrije tijd te praten.
Herzien
Flashcards
vormen
Spelling
Quiz
Eine Aktivität ausüben, um Zeit zu überbrücken
Langsam und entspannt spazieren gehen, oft an einem schönen Ort oder in der Stadt

wandelen, flaneren
Veel mensen flaneren in het park op zondag.
Eine Tätigkeit ausüben

uitoefenen, beoefenen
Ze beoefent dagelijks mindfulness-oefeningen.
Was man in der freien Zeit macht, um sich zu entspannen oder Spaß zu haben

vrijetijdsbesteding
Naar muziek luisteren telt als vrijetijdsbesteding.
Sich erholen und entspannen, besonders nach Arbeit oder Stress

ontspannen
Hij heeft tijd nodig om te ontspannen.
Etwas, das man mit den Händen bastelt oder näht

handwerk, handenarbeid
Ik hou ervan om in mijn vrije tijd handwerk te doen.
Mit einer kleinen Häkelnadel Fäden zu Mustern verbinden

haken, breien met een haaknaald
Hij leert hoe je eenvoudige tassen haken.
Die Kunst, Bilder mit Farben zu erstellen

schilderkunst, schilderij
Op school leren we over schilderkunst en kunst.
Ein Stück, das auf der Bühne gespielt wird

theaterstuk
Het toneelstuk vertelt een spannend verhaal.
Eine Veranstaltung mit Musik, Kunst oder Kultur über mehrere Tage

festival, feest
Het festival biedt verschillende artiesten en bands.
Draußen essen und Zeit verbringen, meist im Park oder in der Natur

picknicken, een picknick houden
Picknicken stelt ons in staat om van het mooie weer te genieten.
Fische mit einer Angelrute fangen

vissen, gaan vissen
Vissen vereist geduld.
Für eine Zeit an einen anderen Ort reisen, oft zum Urlaub

op reis gaan, vertrekken voor een reis
Ik reis vaak met mijn familie.
Eine konkrete Reise während der Freizeit

reis, vakantie
Ik plan een stedelijke vakantie.
Mit einem Messer Figuren oder Formen aus Holz machen

snijden, beeldhouwen
Hij houdt ervan om lepels en kommen te snijden.
Auf Berge klettern, oft als Sport oder Abenteuer

bergen beklimmen, bergbeklimmen
Bij bergbeklimmen is goede uitrusting nodig.
Ein Kurs, in dem man das Kochen lernt

kookcursus, kookles
In de kookcursus leren we Italiaanse gerechten te maken.
Eine Grillparty im Freien mit Essen und Freunden

barbecue, grilfeest
Bij de barbecue, grillen we worstjes en groenten.
Eine Gruppe von Menschen, die gemeinsam singen

koor, zangclub
In de zangclub zingen we traditionele liedjes.
