oplossen
De wetenschapper voerde experimenten uit om de wetenschappelijke vraag te oplossen.
Hier krijg je deel 10 van de lijst met de meest voorkomende werkwoorden in het Engels, zoals "oplossen", "zingen" en "bezitten".
Herzien
Flashcards
Spelling
Quiz
oplossen
De wetenschapper voerde experimenten uit om de wetenschappelijke vraag te oplossen.
vernietigen
Gisteren heeft de brand de oude bibliotheek tragisch vernietigd, waarbij veel waardevolle boeken verloren gingen.
reageren
Gisteren reageerde hij snel op het dringende bericht van zijn supervisor.
bespreken
Laten we onze plannen voor het weekend bespreken.
aanvallen
Ze werd zwaar aangevallen door de menigte, wat haar ernstig letsel veroorzaakte.
zingen
Hij zingt een duet met zijn zus op de familiebijeenkomst.
bezitten
Het bedrijf bezat verschillende patenten voor hun innovatieve technologie.
vervangen
De oude gewoonten van de gemeenschap werden uiteindelijk vervangen door modernere praktijken.
slaan
In de film slaat de held de schurk in een dramatische vechtscène.
kosten
Vorig jaar kostte de woningrenovatie hen een aanzienlijk deel van hun spaargeld.
identificeren
De leraar identificeerde het handschrift van de student op het examen.
springen
De kangaroe kan heel ver springen met zijn krachtige achterpoten.
selecteren
Tijdens de vergadering kiest de commissie regelmatig een vertegenwoordiger om hun bevindingen te presenteren.
zich begeven
Gisteren zijn we op weg gegaan naar de bergen voor een weekendje weg.
ruiken
Gisteren rook de bakkerij naar warm, versgebakken brood.
plakken
Ik zal dit briefje aan je computer plakken zodat je het niet vergeet.
lopen
Gisteren stapte hij naar voren om de prijs voor zijn prestaties te accepteren.
oefenen
Ter voorbereiding op het komende examen wordt studenten geadviseerd om te oefenen met het oplossen van verschillende vragen en problemen.
passen
De jurk past perfect; het is precies de goede maat voor mij.
lijden
Hij heeft veel pijn geleden na het ongeluk.
aanpassen
Gisteren heeft de monteur de remmen aangepast om een soepelere rit te garanderen.
tellen
Gisteren hebben ze de inventaris geteld om de nauwkeurigheid te waarborgen.