nieuw
Hij is net verhuisd naar een nieuw appartement in het centrum.
Deze bijvoeglijke naamwoorden beschrijven de temporele levensduur of ouderdom van objecten, en geven eigenschappen weer zoals "antiek", "oud", "vers", "nieuw", enz.
Herzien
Flashcards
Spelling
Quiz
nieuw
Hij is net verhuisd naar een nieuw appartement in het centrum.
nieuwste
Ze kocht de nieuwste modetrends voor het komende seizoen.
nieuw
De studenten waren enthousiast om een nieuw semester met nieuwe lessen te beginnen.
spiksplinternieuw
Hij droeg een spiksplinternieuw pak naar het belangrijke sollicitatiegesprek.
oud
Het oude schilderij beeldde een schilderachtig landschap uit een vervlogen tijdperk af.
antiek
De artefacten die in het museum worden tentoongesteld, dateren uit oude tijden.
langdurig
Het restaurant staat bekend om zijn langdurige inzet om lokaal geproduceerde ingrediënten in zijn gerechten te gebruiken.
eeuwenoud
Het dorp vierde een eeuwenoud festival dat van generatie op generatie was doorgegeven.
verouderd
Het interieur van het restaurant voelde gedateerd aan, met ouderwets meubilair.
versleten
Het meubilair in de woonkamer zag er versleten uit, met krassen en deuken van jarenlang gebruik.
versleten
De versleten jas hing aan de kapstok, de naden rafelen en de stof was gepilt.
verweerd
De verweerde verf op de oude schuur gaf het een nostalgische uitstraling.
oeroud
De oeroude overlevingsinstincten zijn diep geworteld in de menselijke psyche.
geheel nieuw
Het restaurant introduceerde een geheel nieuw menu, met gerechten geïnspireerd op wereldkeukens.
versleten door de tijd
Haar versleten door de tijd viool was door generaties van muzikanten in haar familie doorgegeven.