zwemmen
Terwijl ik in het meer aan het zwemmen was, vond ik een schelp.
Hier leer je enkele Engelse werkwoorden die verwijzen naar beweging in water, zoals "zwemmen", "duiken" en "spetteren".
Herzien
Flashcards
Spelling
Quiz
zwemmen
Terwijl ik in het meer aan het zwemmen was, vond ik een schelp.
duiken
Toen de achtbaan zijn hoogtepunt bereikte, stortte hij plotseling de steile afdaling in.
drijven
Het kleine vissersbootje bleef vredig drijven op het kalme meer.
drijven
In het stille woud dreef de mist door de bomen.
onderdompelen
De onderzeeër daalde af in de diepten van de oceaan, onderdompelend onder de golven.
spatten
Toen de fietser door de plas reed, spatten de wielen water op het trottoir.
surfen
Toen het tij steeg, sloten meer mensen zich aan om te surfen, waardoor het strand in een levendige plek veranderde.
licht onderdompelen
Na een lange wandeling vonden ze een vijver waar ze hun voeten konden roeren en hun spieren konden verzachten.
waden
De vissers waadden de vijver in, terwijl ze hun lijnen in het water wierpen.
scubaduiken
De onderwaterfotograaf koos ervoor om in tropische wateren te duiken om beelden van het zeeleven vast te leggen.
zinken
Na een moment van aarzeling begon het drijvende ballon hoogte te verliezen en uiteindelijk zonk het in de kalme oceaan beneden.
verdrinken
Toen de rivier haar oevers overspoelde, verdronken hele velden in het opkomende water.